Categorie archief: Recensies

James Martin geeft zijn lezers spelden mee

een brug bouwen 2Boekrecensie:
Martin, J. (2018). Een brug bouwen. Baarn: Adveniat uitgeverij

Eén van de spannendste dingen in het leven is misschien wel het ontdekken van een context die niet nauw verwant is aan die van jezelf. Ontdekken in de zin van begrijpen, invoelen en meebeleven. Dat is uitdagend, net als iedere ontdekkingstocht. Lekker thuis blijven met je eigen tuinset, terwijl de kinderen spartelen in het zwembad, voelt weldadig en veilig. Maar om uit die stoel te komen en op speurtocht te gaan naar wat een ander drijft, vraagt om een keuze. Het mooie is: ik heb nog nooit iemand gehoord die er spijt van heeft gehad zich intensief te verdiepen in de wereld van een ander, ook als het met die ander soms enorm schuurt.

Bruggen bouwen. Dat komt je niet aanwaaien. Dat vraagt om veerkracht, daadkracht en uithoudingsvermogen. Het tellen van zegeningen ook, al zijn die nog zo klein.

Het boek ‘Een brug bouwen – hoe de katholieke kerk en de lhbt-gemeenschap kunnen bouwen aan een relatie van respect, begrip en fijngevoeligheid’ is mij uit het hart gegrepen. Het boek bevat de uitgewerkte versie van een lezing die priester-jezuïet en gastredacteur van The New York Times James Martin heeft gehouden. In dit boek doet de priester een dringend beroep op katholieke leiders om hun lhbt gelovigen op een andere manier, met begrip en openheid, tegemoet te treden. Niet alleen doet hij een dringend beroep op katholieke leiders, maar ook op de lhbt-gemeenschap zelf. Ook van de lhbt-gemeenschap mag respect, begrip en fijngevoeligheid worden verwacht, hoe moeilijk dat misschien ook is en hoezeer dat ook strijdt met het gevoel van urgentie dat iedere kerk vandaag nog volledig inclusief en veilig moet zijn.
James Martin slaat een brug. Dat zijn pleidooi hier en daar als schokkend wordt ervaren, is een helder signaal. Respect, begrip en fijngevoeligheid zijn alom gerespecteerde begrippen, maar als het puntje bij het paaltje komt blijkt het toch nog bar lastig om dat in de praktijk handen en voeten te geven. Het zijn waarden die de kerk zouden mogen vullen, maar hoe dan? Hoe gas terugnemen, de ander hoger achten dan jezelf en een handreiking doen, als je het gevoel hebt dat je overtuigingen je hiertoe belemmeren? James Martin geeft raad, op een warme en gloedvolle manier.

Bij het lezen van het boek ontdekte ik een aantal zaken die ik ook in mijn eigen boek De veilige kerk (2017) heb beschreven. Tijdens het schrijven van mijn boek wist ik nog niets van James Martin’s lezing. Het is dan ook mooi om te zien dat universele waarden een appèl doen op zowel de protestantse als de katholieke wereld. Dit leert mij dat we – ondanks onze verschillen – in de eerste plaats mens zijn, of we nu katholiek of protestant zijn, homo of hetero, rijk of arm, praktisch geschoold of theoretisch geschoold. Voor een ieder van ons geldt dat we de ander in de eerste plaats zien als mens, los van wat de ander doet of vindt of nalaat.
James Martin geeft zijn lezers spelden mee. Spelden om alle eigen bubbels door te prikken en uit te stappen. Soms moeten we even allerlei rookgordijnen wegwuiven, maar eenmaal door de mist heen, ontdekken we een mens. Iemand die ook – net als iedereen – zoekt naar liefde, geborgenheid, steun, trouw en vervulling. Martin daagt uit om onze arm om de schouder van de ander te leggen. Dat is vruchtbaar! Onze vervlechting met het hart van de ander (wat geen vereenzelviging met andermans keuzes en opvattingen hoeft te betekenen) brengt de mooiste vruchten voort. Vruchten van geloof, hoop en liefde. Tegen deze vruchten kan geen verdeeldheid op.

‘Een brug bouwen’; ik beveel het boek van harte aan!
Het boek bevat bijbelfragmenten en vragen ter overdenking om lhbt mensen te helpen hun plaats in de kerk te vinden en te groeien in hun relatie met God.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Recensies

Recensie ‘Lazarus staat op’ (meditaties Rikko Voorberg)

Lazarus staat opBoekrecensie:
Voorberg, R. & Zwart, J. (2017). Lazarus staat op. Rikko #1. Hilversum: Brandaan.

Schoten uit onverwachte hoek!

Elke werkdag gaat om stipt 06.00 uur de wekker in huize Voorberg. Theoloog Rikko gaat dan – met soms frisse tegenzin – uit zijn bed, sloft naar de keuken, kookt water voor thee, gaat op het balkon staan om wakker te worden en schuift na een kort gebed aan tafel om te lezen. De teksten die hij leest komen uit een oud kerkelijk leesrooster. De gedachten die dan oppoppen, worden toevertrouwd aan het papier en ingesproken, zodat honderden mensen rond de klok van zeven uur op Lazarus.nl het hart van Rikko kunnen lezen en beluisteren.

In Lazarus staat op hebben 27 van Voorberg’s meditaties een plek gekregen. Het gebonden boek oogt erg verzorgd en heeft een vrolijke, speelse uitstraling, met dank aan de illustraties van Joanne Zwart. Lazarus staat op moet je beleven, een maand lang meenemen in je rugzak, kauwen en herkauwen. Voorberg deelt mooie vergezichten, pretendeert niet op allerlei prangende vragen een sluitend antwoord te hebben, geeft ruimte aan de mysterie van het geloven. Net als je denkt even te kunnen genieten van je welverdiende rust, haalt de theoloog fel uit: ‘Sodemieter op met je mysterie, ga wat doen.’ (nr. 09) Dat is Voorberg: altijd klaar voor een schot uit onverwachte hoek, in klinkklare taal die je kunt waarderen of niet. De dominee (die leert vloeken) is een messcherpe dromer. Hij geeft niet royaal de tijd achterover te leunen, deelt speldenprikken uit die enige naam mogen hebben.

Voorberg legt in zijn meditaties steeds weer de link naar het heden. Je proeft zijn continue verlangen om de Bijbel zeggingskracht te laten hebben in het hier en nu. Voorberg is een geëngageerd burger en wil zijn lezers meenemen in zijn grote droom de wereld tot een betere plek te maken. Dat gaat soms met grote stelligheid gepaard. Zo stelt hij dat het heffen van zware belastingen op alles wat oneerlijk, niet fair-trade is, de wereld niet zal veranderen (Jezus, Uber, Alles, nr. 07). Dat wil ik wel geloven, maar het kan wél helpen. Soms mis ik enige balans, het zoeken naar krachten die elkaar kunnen versterken. Dat is een gemis in een serie overdenkingen die mij verder enorm hebben aangespoord om in de praktijk van alledag vanuit de gezindheid van Jezus een positief verschil te maken.

Voorberg schuwt het tonen van zijn eigen kwetsbaarheid niet en dat vind ik sterk. Ergens aan een eettafel zit in alle vroegte een lichtzoeker te mediteren en te schrijven. Een hele tijd later zit om 06.00 uur een militair op de marinebasis in Den Helder de teksten te lezen. Ook hij wil het goede doen en praat met God, ook als hij geen woorden heeft. Langzaamaan wordt Rikko een vriend, eentje die afstanden overstijgt. Ik heb Rikko één keer ontmoet. Ik was klaar met een interview, hij moest nog bij hetzelfde medium. Het is of ik hem al langer ken. Taal is een krachtig middel, een effectief wapen zelfs. De meditaties van Rikko zorgen voor verbinding, via mijn ogen naar het hart. Daarmee is Lazarus staat op een geslaagde bloemlezing, eentje die ik later nog eens ter hand zal nemen.

Wie zoekt naar ‘zoete taal’ komt met Lazarus staat op bedrogen uit. De lezer moet uitgedaagd willen worden, moet tegen een stootje kunnen. Dit boek te lezen vraagt om keuzes. Er niets mee doen, is ook een keuze en waarschijnlijk niet de beste.
Denken en handelen vanuit het perspectief van God is een grote uitdaging. Voorberg doet een voorzet. Hij vraagt je om je vertrouwen op God te stellen. In Omdat er voor je wordt gezorgd (nr. 21) schrijft hij: ‘De schrijvers van vanochtend willen ons op de een of andere manier aan het verstand peuteren dat er een macht in de wereld huist die naar je omziet, die wil geven. Niet om je klein te houden, maar om in een harde wereld ongewapend, kwetsbaar en vol vertrouwen alles tegemoet te treden zonder cynisch of schichtig te worden. Omdat er voor je wordt gezorgd. Op de een of andere manier.’
Ongewapend, dapper en met een rechte rug vooruit, zó de wereld tegemoet. Want God is erbij! Die wetenschap emotioneert mij en het is heel mooi en kostbaar dat Voorberg’s meditaties mijn gebeden hebben weten te sturen.

In de laatste zin van het boek staat dat het koninkrijk van God ‘niet zo ver weg’ is. Dit boek helpt om hier op aarde een plek in te nemen die een glimlach op het gezicht van God doet verschijnen. Morgen hebben we allemaal een nieuwe kans om het goede te doen. Vanaf de vroege morgen al. Als het huis nog stil is en de stad nog slaapt.

John Lapré

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Recensies

‘Droef gemoed’ en ‘Ongeordende liefde’, Antoine Bodar over depressie en homoseksualiteit – recensie

droef gemoedRecensie:
Fahner, N. (2018). Droef gemoed. Nels Fahner in gesprek met Antoine Bodar over depressie. Utrecht: Meinema. En: Houtman, W. (2018). Ongeordende liefde. Wim Houtman in gesprek met Antoine Bodar. Utrecht: Meinema.
[9 maart 2018 in het Christelijk Weekblad, nr. 8 – p. 26]

In Droef gemoed schetst journalist Nels Fahner een intiem portret van de bekende Nederlandse priester Antoine Bodar. In de gesprekken die Fahner met de priester heeft gevoerd, vertelt Bodar over zijn terugkerende perioden van depressie. In prettig leesbare zinnen wordt de lezer meegezogen in het kwetsbare bestaan van een man die soms diep gebukt gaat onder zijn aanleg tot zwaarmoedigheid en zich desondanks niet door God verlaten weet. Over een periode van depressie zegt Bodar: ‘Ik voelde me zelfs zeer met Hem verbonden. Het heeft mijn geloofsleven dus eigenlijk verdiept, die periode.’ (p. 20)

Bodar moet zelf niet zoveel hebben van het woord ‘depressie’. Hij spreekt liever van ‘melancholie’ en vindt depressie een containerbegrip. Of het gegeven dat zijn kerk depressie als een zonde beschouwt (p. 9) hierin nog een rol speelt, wordt niet duidelijk.
Op een heldere en gestructureerde manier geeft Fahner in zijn bondige werk een schets van de bronnen waar Bodar zijn steun uit haalt. Naast de troost die Bodar haalt uit geloof, vriendschap en kunst, wordt ook ingegaan op de troost van de dood. De maatschappijkritische, intellectuele reflecties van Bodar op de dood zijn indringend. Bodar is in staat over de dood heen te kijken, naar een hoopvolle toekomst.

Met zijn maatschappijkritische opmerkingen, die uitnodigen tot verdere bezinning, bewijst Bodar het lezerspubliek een dienst. Zo gaat hij in op de vraag of het huidige maatschappelijke klimaat depressie bevordert. Hierin ligt meteen een belangrijke meerwaarde van het boek: het overstijgt Bodar’s persoonlijke relaas, terwijl zonder dit relaas het boek aan zeggingskracht zou hebben verloren.
Op een kunstige manier is Fahner erin geslaagd de belevenissen van Bodar af te wisselen met doortastende beschouwingen. Het reflectievermogen van Bodar op waar hij zelf doorheen moest en moet gaan, getuigen van een heldere waarnemingszin. De inkijk in het veelbewogen leven van ’s lands beroemdste priester heeft mij geroerd. Als op een prachtige pinksterdag de zon in Bodar’s leven weer een beetje doorbreekt, denkt hij: het is toch mooi om te leven. De lezer zal, door de crisismomenten van Bodar heen, in aanraking komen met de zonnestralen die de duisternis van hem weghaalden. Dat maakt dit boek een juweeltje en een bemoediging voor wie het spook dat depressie heet met zich mee moet dragen.

ongeordende-liefdeIn Ongeordende liefde gaat Wim Houtman, werkzaam bij het Nederlands Dagblad als redacteur kerk en opinie, met Antoine Bodar in gesprek over homoseksualiteit. Ongeordende liefde beleefde in 2006 zijn eerste druk. Door aanhoudende vraag verscheen dit jaar een herziene versie en daarmee de tweede druk van het boek. Een paar belevingen die in Droef gemoed staan beschreven, staan ook in Ongeordende liefde.

In tien korte hoofdstukken gaat Houtman in op onderwerpen als: de Heilige Schrift over homoseksualiteit, geaardheid of gerichtheid, richtlijnen uit het Vaticaan en pastoraat in de praktijk. Onnodige herhalingen ten spijt, is het Houtman gelukt om in kort bestek grote vragen rondom het thema homoseksualiteit een plek te geven.
Als lezer wens ik dat Houtman op bepaalde momenten had doorgevraagd. Om een voorbeeld te noemen: bisschop Gerard de Korte van ’s-Hertogenbosch was in 2017 voornemens om een gebedsviering voor Roze Zaterdag af te sluiten met een kort woord en een zegening van de aanwezigen. Onder andere Bodar heeft hier kritiek op geuit. Uiteindelijk heeft de bisschop onder grote interne druk besloten zijn toestemming voor het gebruik van de Sint-Jan, de kathedraal van De Korte’s bisdom, in te trekken. Volgens Bodar hoort ‘persoonlijke nabijheid’ (middels de zegening van de aanwezigen) thuis in de biechtstoel. Alleen in de biechtstoel, vraag ik mij dan af? Wat stelt de preekstoel voor als we daar niet kunnen zeggen, wat in de biechtstoel wel kan worden gezegd? Als een lam niet op de preekstoel kan en een leeuw niet in de biechtstoel, lopen leer en leven al snel uiteen.
Uiteindelijk wil Bodar dat een individu zijn geweten laat vormen door de kerk (p. 19), de kerk die hij altijd zal verdedigen (p. 93). Tegelijkertijd toont hij zich op punten niet gelukkig met de Katechismus van de Katholieke Kerk (p. 18).

Het boek bevat ferme stellingnames. Bodar, die zelf al lange tijd celibatair door het leven gaat, vindt dat mannen niet bedoeld zijn voor mannen (p. 18), hoewel hij ‘dankbaar’ is dat homoseksuelen een contract kunnen sluiten en hun bezittingen kunnen delen (p. 11, 35). En hij zal een homostel zeggen ‘maar liever niet aan het avondmaal’ te gaan (p. 108), hoewel hij ‘eigenlijk ook wel’ wil dat ze aangaan (p. 109).
Het voortdurende zoeken van Bodar naar hoe de leer van de kerk te verkondigen en hoe de homoseksueel als mens daardoor niet te verliezen, maakt dit boek tot een spannende leeservaring. Sommige uitspraken kunnen als kwetsend en pijnlijk worden ervaren (zoals de stelling dat homoseksualiteit een abnormale afwijking is (p. 75) en dat genezing ervan niet valt uit te sluiten (p. 51)), andere als uiterst liefdevol en barmhartig.

Antoine Bodar maakt van zijn hart geen moordkuil. Dat verdient waardering, al maakt het hem soms onuitstaanbaar. Menig lezer zal wisselende emoties ervaren tijdens het lezen van dit boek. Die ervaring te bewerkstelligen, kan alleen door een vakkundige pen. Met Ongeordende liefde is Houtman erin geslaagd een beladen thema dicht bij de harten van mensen te brengen. Dat is, hoe men het boek ook mag waarderen, een buiging voor de auteur meer dan waard.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Recensies

Historische Verhalen, Verzamelbundel II – recensie

Historische VerhalenRecensie:
Klein Haneveld, J., Munckhof, H. van den, Smis, P.C., Lindblad, T., Bosch, A., Hoexum, A., … Velde, S. van der (2018). Historische Verhalen, 20 korte geschiedenisverhalen, Verzamelbundel II. Leiden: Historische Verhalen.

Opmerking vooraf:
De twintig verhalen die in deze verzamelbundel zijn opgenomen, zijn in 2017 digitaal verschenen.

Met deze verzamelbundel belandt de lezer in een historische ontdekkingstocht door musea en paleizen, langs marktpleinen (waar je ‘kots en pis’ kunt ruiken), reizend door de tijd van het Overijsselse Zwartsluis naar Vietnam. Dat is bepaald geen straf, want een bont en prettig gezelschap woordkunstenaars fungeert als reisleider. Soms droom je weg, een andere keer doet een combinatie van weerzin en spanning de hartslag versnellen (als in ‘Het teken van Anubis’ door Iris Versluis).

Het continue switchen tussen het lezen van een kort verhaal, de historische achtergrond die daarbij hoort en het lezen van een nieuw verhaal, maakt me hier en daar wat onrustig. Daarom is het goed om de bundel na een paar verhalen even terzijde te leggen. Lezen is ook verwerken en het is belangrijk jezelf die tijd te gunnen. Een gedoseerde inname van de verhalen zal de bundel beter tot zijn recht doen komen.

Sommige verhalen grijpen me bij de keel, zoals ‘Pop’ van Paul Christiaan Smis (ik wil méér van deze schrijver lezen!). Het ontroerende verhaal over een blonde kleuter in het Dresden van 1945 heeft diepe indruk op mij gemaakt. Andere verhalen (als ‘Coriovallum’ van Killian McNeil) vind ik tamelijk nietszeggend. In deze verhalen mis ik ‘de ziel’, zoals ik die wel in ‘Pop’ vind. Een analytisch historische achtergrond mag ‘ziel’ missen, maar – in mijn ogen – een verhaal niet. Ook vind ik sommige openingen van verhalen nogal cliché, als ‘Claire obscure’ van Annette Rijsdam: ‘Een lentewind zuchtte door het open raam, speelde met de gordijnen en liet zo een schuchter daglicht haar weg naar binnen vinden.’

De historische achtergronden bij de verhalen zijn een welkome aanvulling. Zo helpen de achtergronden (als die bij ‘De pastoor en de leviathan’ van Johan Klein Haneveld) mij om de verhalen beter te waarderen. De kunstige zinnen van Klein Haneveld geven mij het gevoel naar een mooi, waardevol kunstwerk te kijken. Echter, de beschrijvingen van wat ik ervaar als andere werkelijkheden dan de onze, maken op mij minder indruk. Daarom is het goed om in de historische achtergrond van het verhaal over de leviathan te lezen dat met het ‘monster’ een walvis wordt bedoeld.

De bundel is leerzaam en onderhoudend en daarom een plezier om te lezen. Erg leuk om iets over mijn geboortestad Genemuiden te lezen en te leren (in ‘Tussen tijden en vlaggen’ van Doortje Stam). En zo leer je ook van alles over het mummificatieproces in het Oude Egypte. Wist je trouwens dat oude Egyptenaren de pijn van een patiënt probeerden te verlichten door hem of haar een dode muis in de mond te leggen? (p. 131)
Het meest heb ik genoten van deze zin: ‘Haar puntschoentjes klikklakten op de vloertegels; een staccato dat de anders zo voorname rust deed trillen van nervositeit.’ (p. 111) Dank, Paul Christiaan Smis.

Hoewel ik de aantrekkelijke cover van de bundel geen goede weerspiegeling vind van de inhoud, heeft de lezer met dit werk een prachtig geschiedenisboek in huis. Het smaakt naar meer!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Recensies