Ouweneel reageert op vervolgbrief John Lapré: ‘Laten we niet elke bijbeluitleg relativeren’ | brief 4/6

john-lapré-en-willem-ouweneel‘Als ik met Lionel bij jou kom in de gemeente, zou je me dan de zegen van God op onze relatie willen en kunnen geven?’ Met deze vraag sloot John Lapré zijn meest recente vervolgbrief af. Hij heeft als homoseksueel een relatie met een andere man en voelde zich aangesproken door een recente opmerking van Willem Ouweneel in deze column. Sindsdien is het tweetal een briefwisseling op CIP.nl gestart. Vandaag beantwoordt Ouweneel de vervolgbrief van Lapré in deel 4 van de briefwisseling.

Lees hier brief 1 (JL), hier brief 2 (WJO) en hier brief 3 (JL).

Hallo John,

Dank voor je tweede brief! Je moet me nog maar eens nader uitleggen wat je onder een ‘theologie van de ogen’ verstaat: betekent het dat, als je elkaar diep in de ogen kijkt, de leerstellingen zich meer gaan vormen naar de praktijk? Dat zal gedeeltelijk wel het geval zijn. Toch moet je uitkijken met een zin als: ‘Onze eenheid ligt niet in ons standpunt over homoseksualiteit, maar in Jezus Christus.’ Dat is waar, maar je kunt ‘standpunt over homoseksualiteit’ niet zomaar door elk ánder standpunt vervangen. Maar dat bedoel je ook niet.

Toch moet je uitkijken met een zin als: ‘Onze eenheid ligt niet in ons standpunt over homoseksualiteit, maar in Jezus Christus.’ Dat is waar, maar je kunt ‘standpunt over homoseksualiteit’ niet zomaar door elk ánder standpunt vervangen.

Je hebt natuurlijk gelijk als je zegt dat onze opvattingen gekleurd worden door de cultuur waarin we groot geworden zijn, en óók door de kerkelijke richting die ons gevormd heeft en het gezin waarin we zijn opgevoed. Niemand van ons is neutraal, objectief en onbevoordeeld in zijn uitleg van de Schrift, hoezeer we haar ook liefhebben en ons best doen haar zo zorgvuldig mogelijk uit te leggen. En waar de Bijbel geen expliciete uitspraken doet, moeten we voorzichtig zijn met van alles eruit te willen afleiden. Maar je zult het ook met me eens zijn dat zulke bescheidenheid maar al te gemakkelijk misbruikt kunnen worden om elke bijbeluitleg te relativeren en zelfs helemaal aan de kant te schuiven. We moeten proberen hier de juiste middenweg te bewandelen. Soms zeggen we: ‘Er staat geschreven’ (zoals Jezus tegenover de duivel deed), en soms zeggen we: ‘Wat dit betreft heb ik geen gebod van de Heer ontvangen, dus ik kan je niet meer geven dan mijn persoonlijk aanvoelen van de Bijbel’ (vgl. 1 Kor. 7:25).

Wat het huwelijk betreft, je hebt gelijk: het huwelijk is heel wat méér dan seks. In Genesis 1 ligt de nadruk op seks als middel tot de ‘vermenigvuldiging’; daar gaat het om het lichamelijk verschil tussen man en vrouw, dat dient als middel tot de voortplanting. Maar in Genesis 2 gaat het om de lichamelijke eenheid van man en vrouw als uitdrukking van liefde en trouw zónder dat van voortplanting sprake is. Seks is hier puur de uitdrukking van liefde, net als in het Hooglied (waarin veel erotische aspecten, maar géén kinderen voorkomen). In beide gevallen is seks echter belangrijk; de diepste waarde van een relatie mag dan met ogen, arm en schouder te maken hebben, zoals jij zo mooi zegt. Maar een huwelijk is méér dan een vriendschapsrelatie. Daarom is het huwelijk zo’n belangrijke instelling: het is een stevige band om een stel dat een seksuele relatie onderhoudt én een stevige band om een gezin bestaande uit ouders en kinderen. Je kunt die dingen niet van elkaar losmaken, om er bijvoorbeeld alleen de vriendschap en de seks uit te halen. Die dingen zijn niet los verkrijgbaar – en misschien spreek ik dáármee wel mijn grootste moeite met homoseksuele relaties uit.

Leg me trouwens eens uit wat je verstaat onder het verschil tussen ‘scheppingsorde’ en ‘scheppingsvolgorde’. Voor de rest kom ik natuurlijk niet aan jouw persoonlijke ‘ontdekkingen’ in je omgang met God en de Bijbel. Het is ook niet aan mij een oordeel te vellen over de conclusies waartoe zo’n zoeker komt – tenzij hij expliciete bijbelse geboden zou overtreden (zoals prostitutie, overspel, e.d.).

Dat God van onze zondige wegen gebruik kan maken om zijn plannen te verwerkelijken betekent nooit een excuus voor die zonden. Maar dat weet jij natuurlijk ook.

Kijk wel uit wat voor conclusies je trekt uit wat de Bijbel zegt – of niet zegt – over polygamie. Je zegt terecht dat de Bijbel wel degelijk aangeeft wat de norm is: het huwelijksverbond (Mal. 2:14-15) van de ene man en de ene vrouw. Daarom moet de oudste een ‘man van één vrouw’ zijn (1 Tim. 3:2) om daarmee een voorbeeld te zijn voor de anderen. In polygame relaties is er in de Bijbel altijd narigheid: bij Abraham (Sara en Hagar), bij Jakob (Lea en Rachel), bij Elkana (Hanna en Peninna), bij David (de halfbroers Amnon en Absalom), bij Salomo (die door zijn vele vrouwen tot afgoderij werd gebracht). Indirect ligt daarin wel degelijk een veroordeling besloten: ‘Kijk eens wat er gebeurt als je Gods norm aan je laars lapt!’ Dat God van onze zondige wegen gebruik kan maken om zijn plannen te verwerkelijken betekent nooit een excuus voor die zonden. Maar dat weet jij natuurlijk ook.

John, als je met Lionel bij ons in de gemeente komt, zijn jullie hartelijk welkom. Als jullie je echter zouden willen aansluiten, zal er wel discussie losbranden (de uitkomst daarvan kan ik niet voorspellen). Ik zou ook best een zegen over jullie willen uitspreken – maar ook over jullie relatie? Dat mag je niet van me vergen…

Toch wens ik je opnieuw van harte Gods zegen!

Willem J. Ouweneel

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Boek - De veilige kerk

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s